Gezondheid
Vaccinaties
Ontworming
Parasieten
Dysplasie
Oogaandoeningen
Verzorging van de labrador
Sterilisatie
De oudere labrador


Vaccinaties : Wanneer de pup bij u aankomt op een leeftijd van 8 weken, heeft hij normaal reeds zijn puppy-vaccinatie gekregen. Deze puppy-vaccinatie zal hem beschermen, maar op de leeftijd van 12 weken moet hij een herhaling krijgen omdat het kan dat de pup bij de puppy-vaccinatie nog beschermd was door de antilichamen van zijn moeder (doorgegeven via het colostrum tijdens de eerste 48 levensuren) zodat zijn eigen immuniteit onvoldoende zal ontwikkeld zijn. De vaccinatie zal de hond in het algemeen beschermen tegen de ziekte van carré, parvovirose en hepatitis. U kan uw dierenarts ook vragen om uw hond in te enten tegen leptospirose (een ziekte overgebracht via de urine van ratten) en tegen kennelhoest (vooral als de hond in contact komt met andere soortgenoten) en afhankelijk van de regio waarin men woont ook tegen hondsdolheid. Daarna wordt een jaarlijkse herhalingsvaccinatie aangeraden. Vergeet in geen geval dat uw dierenarts uw beste raadgever op dit vlak is en dat hij u zal helpen een efficiënt vaccinatieschema op te stellen.


Ontworming : Wanneer een pup onze kennel verlaat, is hij sinds zijn geboorte reeds 3 à 4 keer ontwormd. Vervolgens raden we aan de ontworming tot de leeftijd van 6 maanden iedere maand te herhalen en daarna 2 maal per jaar. Er bestaan specifieke producten voor pups. Omdat elk middel zijn eigen werking heeft, is het aan te raden om regelmatig van ontwormingsmiddel te veranderen.


Parasieten : Het is belangrijk uw hond te behandelen tegen vlooien en teken. Er bestaan meerdere efficiënte producten. Pipetten zijn zeer makkelijk te gebruiken en verschaffen meestal een duurzame bescherming (1 à 3 maanden). Wanneer uw hond mee op jacht gaat of regelmatig in het bos gaat wandelen, moet hij goed beschermd worden tegen teken omdat deze piroplasmose en de ziekte van lyme kunnen overdragen. Wanneer u naar het zuiden van Frankrijk gaat, is het aan te raden uw hond ook te beschermen tegen zandvliegen (van het geslacht Phlebotomus). De zandvlieg is daar de overdrager van de dodelijke ziekte leishmaniasis.


Dysplasie : De labrador is door zijn sterke bouw één van de rassen met aanleg voor dysplasie. De labrador wordt vooral door 2 types dysplasie getroffen: heup- en elleboogdysplasie. Heupdysplasie kan erfelijk zijn, maar kan ook veroorzaakt worden door externe factoren zoals voeding, een snelle groei of te bruuske bewegingen tijdens deze periode. In België levert de maatschappij Sint-Hubertus enkel stambomen voor labradors af indien beide ouderdieren vrij zijn van heupdysplasie (resultaat A of B en indien één van beide C heeft moet het andere ouderdier A of B zijn). Op die manier wordt het risico op erfelijke heupdysplasie beperkt. Honden met resultaat D of E voor de heupen worden uitgesloten voor de voortplanting. Het is belangrijk de pup tijdens zijn groei voeding van goede kwaliteit te geven die bovendien bestemd is voor pups van grote rassen. Deze voeding bevordert een evenwichtige groei zonder een te snelle groei. Ook te hevige oefeningen en te lange wandelingen moeten vermeden worden met een jonge hond. Met het joggen dient eveneens gewacht te worden tot de hond 1 jaar oud is. De pup heeft nood aan oefening, maar dan op zijn eigen ritme. Voor elleboogdysplasie (ED) geldt ongeveer hetzelfde als voor heupdysplasie, maar op dit ogenblik is een onderzoek van de ellebogen nog niet verplicht voor het kweken. Bij het elleboogonderzoek zijn er 4 mogelijke resultaten: 0, 1, 2 en 3. 0 betekent dat de hond vrij is van elleboogdysplasie, 1 dat er een kleine afwijking is, 2 en 3 dat de hond lijdt aan elleboogdysplasie. Normaal wordt er enkel gekweekt met honden die score 0 of 1 behaalden voor de ellebogen. Maar ook voor elleboogdysplasie geldt dat het erfelijke aspect maar één van de componenten van deze multi-factoriële aandoening is.


Oogaandoeningen : Cataract en progressieve atrofie van de retina zijn de meest voorkomende oogaandoeningen bij de labrador. Het gaat hier niet om ouderdomscataract, maar over een vorm van cataract bij jonge honden die de hond blind kan maken op een leeftijd van 1 à 2 jaar. Een jaarlijkse test laat toe na te gaan of de hond al dan niet lijdt aan deze aandoening en kan zo dus het kweken met getroffen honden vermijden. Het gen dat de oorzaak is van deze aandoening is echter recessief en een hond kan dus drager zijn van deze aandoening (en deze ziekte ook doorgeven aan de nakomelingen) zonder zelf de kenmerken van de aandoening te vertonen. DNA-testen werden op punt gesteld waarmee het mogelijk is na te gaan of een hond gezond is, drager of aangetast.


Verzorging van de labrador : De labrador is qua verzorging een makkelijke hond. Een goede borstelbeurt één keer per week of iedere dag tijdens de ruiperiode (2 maal per jaar) volstaat. Twee maal per jaar kunt u uw labrador ook een bad geven (gebruik niet teveel shampoo, dit maakt zijn vacht te zacht wat niet wenselijk is bij een labrador) of wanneer het werkelijk nodig blijkt. Zijn oren moeten daarentegen één maal per week gecontroleerd worden. De afhangende oorschelpen van de labrador verhinderen immers de luchtcirculatie en bevorderen zo de ontwikkeling van oorinfecties zoals oorontstekingen. Kuis iedere week zijn oren uit met een geschikt product en raadpleeg bij iedere twijfel de dierenarts. Gebruik nooit wattenstaafjes om de oren van uw hond uit te kuisen, maar wel een bolletje watten dat u rond uw vinger draait. Soms is het nuttig de nagels van uw labrador te knippen, vooral wanneer hij niet genoeg op een harde ondergrond loopt zodat de nagels onvoldoende afslijten. Het knippen van de nagels is wel delicaat omdat u ze niet te kort mag knippen omdat dit pijnlijk is en bloedingen kan veroorzaken. Indien u twijfelt kunt u uw dierenarts vragen de hond zijn nagels te knippen.


Sterilisatie : Indien u niet van plan bent om met uw labrador te kweken, raden we u aan uw teef te laten steriliseren vóór haar eerste loopsheid of er net na. De sterilisatie biedt bescherming tegen borsttumoren en vermijdt dat de teef schijnzwanger wordt en bijgevolg een baarmoederontsteking krijgt. Meer praktisch is dat de teef niet meer loops zal worden en u haar tijdens deze periode (de loopsheid valt natuurlijk meestal als u op vakantie gaat vertrekken) dus ook niet meer nauwlettend in het oog zult moeten houden. Bij de reu is castratie vooral gericht op honden die overdreven dominant zijn. Wanneer u toch met uw hond wil kweken, moet u dit goed overwegen en raad vragen aan verscheidene kwekers die u kunnen vertellen over hun ondervinding.


De oudere labrador : De gemiddelde levensverwachting van een labrador is tegenwoordig zo’n 12 à 14 jaar. Bij het ouder worden zal het levensritme van uw labrador vertragen: hij zal veel slapen en ademhalings- en hartproblemen kunnen ontstaan. Het volstaat bij uw dierenarts een check up van uw trouwe levensgezel te laten doen tijdens zijn jaarlijkse vaccinaties. Ook een senior voeding kan helpen vanaf de leeftijd van 8 jaar. Met de ouderdom kan de hond (vooral gesteriliseerde teven) ook incontinent worden. Maar hij heeft u zolang zoveel gegeven, dat u hem op dat moment met nog meer liefde en zorgen moet omringen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Bas de page français


Onthaal Nesten Oldies Hemel Show Nieuws Foto's Activiteiten Opvoeding Gezondheid Contact Links Gastenboek

Dumbledore Farouk Chéops Chocotoff Darka Apple Pie Fantasia Glinka Ginny

Copyright Labradors Blacksugar
Laatste update: 04 juli 2008 : Nesten, Hemel
français english